De ontdekking van de Incatraditie PDF Print

Bolivia, 21 januari 2006
President Evo Morales, de eerste president van Bolivia van indiaanse afkomst sinds de Spaanse verovering wordt in Tiwanacu ingewijd.

In zijn hand draagt Evo Morales een staf. Daarop staan de condor, de slang en de puma. Oude symbolen uit het Incarijk. Hij wordt begeleid door vier Incapriesters. Als hij het heiligdom betreedt, ontstaat er een opening in het dichte grijze wolkendek boven de stad, waardoor de zon zijn gouden stralen over de plechtigheid kan schijnen. Een goed voorteken voor alle indianen, schrijft de Volkskrant. Maar voor ingewijden is dit de bevestiging en het bewijs van macht over de natuurkrachten die hier wordt gehanteerd.

Morales groeide op als boerenzoon. Nu belooft hij vreedzame oplossingen voor het ten einde brengen van desastreuze invloed van de buitenlandse belangen.
Hij is de derde president van indiaanse afkomst, na Hugo Chavez in Venezuela en Alejandro Toledo in Peru, die in 2001 zijn ambt aanvaardde, en naast de inauguratie ok een inwijdingsplechtigheid onderging op de Machu Picchu, de heilige stad van de Inca’s.
Beide presidenten, of ze hun idealen kunnen waarmaken of niet, vertegenwoordigen de herinnering van Zuid-Amerika aan een rijk dat op welhaast fabelachtige idealen was gegrondvest; van groei en samenwerking volgens natuurlijke organische principes.

In 1438 kwam in Zuid-Amerika een heel jonge koning aan de macht, Pachakutiq. Hij zou het kleine land binnen de kortste keren doen uitgroeien tot de Tawantinsuyu, een keizerrijk van ongekende vrede, welvaart en grootte: het strekte zich drieduizend kilometer uit over de hele kam van de Andes.
In 1535 werd het Incarijk door een handjevol Spaanse conquistadores onder leiding van Pizarro omvergeworpen en in 1572 met de onthoofding van de laatste Incakeizer Tupac Amaru was er van het Inca-keizerrijk niet veel meer over. Van de zeven miljoen inwoners die de de Tawantinsuyu telde, waren er enkele decennia later nog maar één miljoen over. Al het goud, alle heiligdommen, alle natuurlijke rijkdommen, de steden en mijnen waren verwoest en leeggeroofd, de mensen als ratten uitgeroeid. De honger van de Spanjaarden naar goud en macht was onverzadigbaar. De gouden eeuw in Europa werd gefinancierd met het goud uit het land van de Inca. In de zoektocht naar El Dorado verloren talloze Spanjaarden het leven. En veel van het goud ging verloren tijdens schipbreuken of door de spilzucht van de plotsklaps ongekende rijkdom van de conquistadores. De indianen tot werden echter tot1968 de wreed en onmenselijk behandeld als onbetaalde dwangarbeiders, uit puur gemakzucht vermoord en uitgebuit. De herinnering aan het in de geschiedenis van de mensheid meest sociale en meest succesvolle imperium vervaagde alsof het nooit had bestaan.

Met de komst van de Spanjaarden was er in Zuid-Amerika een bruut eind gekomen aan een belangrijk aspect van de samenleving waarin onderlinge verbondenheid, samenwerking, had geleid tot een utopische welvaartsstaat en samenleving.

Momenteel is er een grote verandering in de wereld gaande. De Inca’s noemen het de Pachakuti, een omkering in het beleven van de werkelijkheid. Het is een grote verandering in de kosmovisie van de mensheid, waarin de matrix, de afgesproken rolpatronen en regels van de samenleving veranderen. In Europa was er na de middeleeuwen, waarin het individu ondergeschikt was gemaakt aan het algemene belang, een zeer sterke stroming op gang gekomen waarin de ontwikkeling en de integriteit van het individu het meest telde.
Uiteindelijk leidt de overvloed aan materieel bezit ertoe dat mensen verlangen naar iets wat hen bindt, zingeving. Maar dan wel graag met behoud van de individuele karakteristieken die ons uniek maken. We hebben geld genoeg, kennis genoeg, zelfkennis en eigenwaarde, en hoe nu verder te gaan? Wat nu nog te verbeteren als we dat wat we hebben nagestreefd, materiële welvaart, een vanzelfsprekendheid is geworden.

In 1968 begon antropoloog Juan Víctor Nuñez del Prado uit Cusco, een onderneming die zijn geschiedenis en de geschiedenis van de Inca’s een nieuwe wending zou geven. Natuurlijk wist hij dat niet toen hij begon met het onderzoeken van de politieke structuur van de inheemse volkeren op de kam van de Andes. Toen hij erachter kwam dat er niet alleen een plaatselijke maar een algemene spirituele levenshouding aan ten grondslag had, bedacht hij zich dat dat wel moest betekenen dat daar een georganiseerd systeem aan ten grondslag zou liggen.
Na verloop van tijd, waarin ook een confrontatie met de katholieke kerk en uiteindelijk steun en aanmoediging vanuit die hoek, belandde hij als student bij meesters in de kunst van het geheim van de Inca’s. Het ging om de lessen van de Inca-keizers die in het diepste geheim bewaard waren in het hart van de Andes, in Q’eros.


Er zijn drie heel krachtige spirituele hulpmiddelen. Het eerste is het gebed. En dat behoort bij de Christenen, de Moslims en de Joden. De hele omgeving rond de Middellandse zee. Het tweede is duidelijk meditatie, wat anders is en behoort tot het oosten. India, China, Tibet. Het derde is het werken met energie, wat behoord tot alle inheemse volken van Amerika, van zuid tot noord, van Alaska tot Pathagonië. Dit werk met levende energie is gegrond in een hele diepe, intieme relatie met moeder aarde.

Aan de universiteit van Amsterdam was Fred Spier, chemicus en cultureel antropoloog begonnen met de studierichting: ‘Geschiedenis in het groot.’ Een moderne benadering van wetenschap, niet gefocusd op het onderzoeken van steeds kleinere deeltjes, maar al onderzoekend naar de structuren van organismen de verbanden van grotere organische principes ontdekkend. Een ondertussen, vooral in Europa uitgegroeid tot populaire, nieuwe stroming in de wetenschap.
Fred zei: ‘We doen niet anders dan kaarten maken. Je bent als het ware zelf het kompas. De kaarten van de werkelijkheid helpen ons om de wereld te bewandelen. Het gaat niet om de waarheid, niemand kent die. Het gaat om inzicht in de werkelijkheid waarin we leven, en het vergroten van je mogelijkheid om de werkelijkheid te vormen naar onze idealen, hopelijk is dat er een van samenwerking.’

In 2005 richt Juan Víctor Nuñez del Prado in Rome een samenwerkingsverband op, Tawantin, waarin mensen vanuit de hele wereld die werken met de kennis van de Inca’s, zich verzamelen om opgedane kennis en ervaring uit te wisselen, te delen en te verspreiden.

En in 2006 wordt het initiatief van de conferentie in Rome gevolgd door de oprichting van stichting Tawantin.

In juni 2006 vindt er in het hart van Nederland, vanuit Schoonhoven, een mondiale conferentie plaats.
De naam van deze conferentie is: Rejuvenation.
Daaromheen worden workshops, lezingen en seminars georganiseerd.

Elementen uit de natuur zijn van invloed geweest op de vestiging van bevolking, het ontstaan van mythes en religie, en vervolgens op wetenschappers, kunstenaars, schrijvers en uiteindelijk machthebbers. (Een voorbeeld is de berg Olympus in Griekenland waarvandaan Alexander de Grote zijn reis begon om ‘de wereld’ te veroveren.)

Ook Nederland kent zulke plaatsen en mensen. Nederland als delta en daardoor symbool voor vrouwelijke energie, is een unicum in de wereld wat betreft initiatieven en oorspronkelijke ideeën die een stempel op de wereldgeschiedenis hebben gedrukt. Deze informatie is verwerkt in een workshop in de vorm van een rondreis die deze zomer aan het Nederlandse publiek aangeboden zal worden door stichting Tawantin (de Nederlandse afdeling van de wereldwijde organisatie).

Marie Louise Ambrosius uit Schoonhoven is voorzitter van Stichting Tawantin.
Zij is auteur van het boek ‘Het geheim van de Inca.' Daarin wordt de geschiedenis van de Incatraditie, de profetie en de praktische lessen en toepassingen, die Juan van zijn leermeesters, waaronder Don Benito Q’oriwaman, heeft gekregen, beschreven.

Een indruk:

Don Andres Espinosa maakte grote indruk op Juan door op een buitengewoon mistige morgen met gebruikmaking van zijn intentie een perfect ronde opening te maken in de ochtendnevel boven de bergen van Q’éros, 4900 meter hoog, waardoor de zon kon schijnen op zijn despacho.

Juan:
‘Ooit was ik in Q'eros om hem over te halen mij die initiatie te geven. Hij zei: ‘Je bent nog niet klaar.’ En natuurlijk drong ik erop aan en zou ik hem laten zien dat ik volkomen klaar was, want ik had al zoveel gedaan. En uiteindelijk zei hij: ‘Oke, je bent niet klaar maar ik zal het je laten zien.’
Zoals je weet is Q'eros een geïsoleerde plaats in de Andes, tussen de bergen en de Amazonejungle. Door deze ligging van Q'eros trekt na elven ‘smorgens de vochtige lucht uit de jungle omhoog.
Ook deze speciale dag was de hemel volkomen dicht met wolken. Don Andres liet me meewerken om een offerande voor te bereiden. We maakten er vuur, hij legde de offergaven in het vuur.
Toen opende hij zijn handen naar boven. En de wolken openden zich in een cirkel en de zon scheen erdoor, op zijn despacho. Hij zei tegen me: 'Zie je, jij bent nog niet klaar om dit te doen.'

Later vroeg ik hem hoe en wat ik moest doen om mezelf voor te bereiden om de initiatie te ontvangen en hij leerde me de nu volgende rituelen...’

Informatie? mail of telefoneer met:

Marie Louise Ambrosius

This e-mail address is being protected from spam bots, you need JavaScript enabled to view it

tel. 06-182 579 03


 
 

Incatraditie NIEUWS
De ontdekking van de Incatraditie
Don Sebastan Apasa in Schoonhoven
Stichting Tawantin
The game of 'the New Golden Age"
UW VERHAAL ALS BOEK
Contact